home
Ellen Copini
“Ripdeal en mediation”Ellen Copini

Ripdeal en Mediation

Mark was een jongen van begin 20. Hij was opzettelijk aangereden door een auto, waarschijnlijk tijdens een ripdeal. Hij was zeer zwaar gewond geraakt.

Mark had allerlei psychische aandoeningen en was verslaafd aan van alles en nog wat. Ik stond Mark bij in de afwikkeling van zijn letselzaak, want ook Mark had recht op vergoeding van zijn letselschade.

Schelden en Tieren

De onderhandelingen met de verzekeraar verliepen zeer moeizaam. Mark belde vaak en vroeg dan hoe het er voor stond. Ik probeerde hem dan uit te leggen waarom de zaak nog niet geregeld was. Meestal begon Mark dan te schelden en te tieren. Heel eerlijk gezegd had ik een hekel aan Mark. Het was dat zijn moeder, bij wie hij woonde, mij meestal zo’n 5 minuten later belde en namens haar zoon excuses aanbood voor zijn gedrag. Ik had medelijden met zijn moeder. Eigenlijk deed ik de zaak voor haar, maar niet voor Mark.

In de steek gelaten

Totdat Mark mij belde om mij te bedanken voor de regeling, die ik uiteindelijk met de verzekeraar had getroffen. Hevig geëmotioneerd zei hij mij: “U bent de eerste hulpverlener die haar woord heeft gehouden. Tijdens het eerste gesprek zei u tegen mij dat u de zaak voor mij ging regelen. U wilt niet weten hoeveel hulpverleners dergelijke beloftes al hebben gedaan aan mij, die niet zijn nagekomen. Mark, ik ga jou beter maken. Mark, ik ga jouw financiële zaken op orde stellen. Mark, wij zullen jou opnemen om te genezen. Mark, ik zal je aan een baan helpen. Et cetera et cetera. Maar vervolgens blijk ik toch niet voor bepaalde therapieën in aanmerking te komen, of worden ze niet vergoed, of blijk ik toch niet geschikt te zijn voor een bepaalde kliniek, of slaat de behandeling niet aan, of hoor ik zelfs helemaal niets meer. Daardoor voel ik mij keer op keer in de steek gelaten. En daarom werd ik ook steeds zo boos op u, als u mij vertelde dat de zaak nog steeds niet was geregeld. Ik had het gevoel dat ook u uw belofte niet ging inlossen. Maar dat heeft u uiteindelijk wel gedaan en ik wil u dan ook mijn excuses aanbieden voor alle keren dat ik boos geworden ben op u.”

Ik was hier stil van. Waarom hoorde ik dit pas aan het eind van de zaak? Als ik dit eerder had geweten, dan had ik veel meer begrip gehad voor zijn reacties. Hij was niet boos op mij. Het was zijn angst om opnieuw in de steek te worden gelaten. Als ik dit had geweten, dan had ik hem bij ieder contact niet alleen een juridische uitleg gegeven over de gang van zaken, maar daaraan toegevoegd: “en Mark ik laat je niet in de steek. Ik kom mijn belofte na”.

Ik denk dat het afwikkelingstraject dan voor ons beiden een stuk plezieriger was verlopen.

Achterliggende emoties

Inmiddels ben ik al enkele jaren mediator. Dat was ik nog niet toen ik Marks’ zaak behandelde. Ik ben nu veel meer bedacht op dit soort onderliggende emoties. Ik probeer – ook als ik niet als mediator optreed, maar als advocaat de belangen van één partij behartig, te achterhalen waar bepaald emoties vandaan komen, wat het achterliggend belang achter de standpunten is en hoe ik iemand weer in zijn kracht kan zetten.

Erkenning

Uit wetenschappelijk onderzoek van prof. Akkermans uit 2014 is al gebleken dat bij een slachtoffer excuses of opheldering over wat hem/haar is overkomen, belangrijker worden gevonden dan een geldelijke vergoeding. Daarmee is uiteraard niet gezegd dat excuses of opheldering in de plaats kunnen komen van een schadevergoeding, maar wel dat erkenning van bepaalde emoties heel belangrijk is en de weg vrijmaakt voor een goed onderhandelingsklimaat in de afwikkeling van een letselzaak.

Kom beloftes na

Zo ook voor Mark. Hij had geen idee op welk bedrag hij recht had. Het kon hem ook niet zoveel schelen. Veel belangrijker voor hem was dat ik hem serieus nam. Dat ik mijn belofte aan hem gestand deed. Het uiteindelijk overeengekomen schadebedrag was van secundair belang.

 

Boddaert Advocaten