Spring naar content

Nieuwe herstructurerings-mogelijkheid: onderhands akkoord (WHOA)

2

De huidige Faillissementswet, stammend uit 1893, biedt vaak te weinig mogelijkheden om (levensvatbare) bedrijven in moeilijkheden te kunnen redden. Daardoor gaan meer bedrijven failliet dan nodig is en dat kost waarde en werkgelegenheid. Gezocht wordt derhalve naar mogelijkheden om het reorganiserend vermogen van bedrijven te vergroten zodat zij meer kans hebben om te overleven.

De daarvoor opgezette “Pre-Pack”-regeling (samengevat stille bewindvoering van ondernemingen vooruitlopend op faillissement om hun doorstart na faillissement te bevorderen) is in 2017 gestrand op de arbeidsrechtelijke jurisprudentie van het Europese Hof. Aansluitend bij het Amerikaanse “Chapter 11” en het Engelse “scheme of arrangement” is in Nederland nu het wetsontwerp “homologatie onderhands akkoord (WHOA)” aanhangig. Dit is op 26 mei 2020 aangenomen door de Tweede Kamer en ligt nu bij de Eerste Kamer.

De WHOA biedt ondernemingen een nieuwe, zelfstandige en vergaande herstructureringsmogelijkheid door middel van een gerechtelijk goedgekeurd en daardoor voor alle schuldeisers bindend onderhands akkoord. De mogelijkheid om een bindend akkoord te sluiten bestond al, maar alleen binnen het kader van een al uitgesproken faillissement of verleende surseance van betaling, met alle schade en kosten van dien. Nu kan dat dus ook daarbuiten, wat de overlevingskansen van de onderneming naar verwachting vergroot.

Bovendien zijn de inhoudelijke mogelijkheden van een akkoord belangrijk verruimd. Schuldeisers worden in “klassen” ingedeeld (bijv.  fiscus, financiers, leveranciers, met of zonder zekerheden) en per klasse kunnen verschillende regelingen worden aangeboden. Ook aandeelhouders kunnen daarin worden betrokken. Daarnaast wordt het mogelijk dat banken voor het akkoord aanvullende financieringen verstrekken tegen nieuw te vestigen zekerheden. Nieuw is ook de mogelijkheid voor beide partijen om lopende overeenkomsten te wijzigen of op te zeggen (dit geldt niet voor arbeidsovereenkomsten). Door een amendement in de Tweede kamer is aan de wet toegevoegd dat MKB crediteuren een minimum uitkering van 20% van hun vordering moeten krijgen, behoudens zeer zwaar wegende gronden die de rechter toetst.

De hele procedure (die een openbare en een besloten variant kent) is met de nodige waarborgen omgeven. Het akkoord wordt begeleid door een herstructureringsdeskundige en daarnaast kan een observator worden aangesteld die toezicht houdt en waakt voor de belangen van de schuldeisers. Na de stemming over het akkoord dient dit tot slot nog  te worden goedgekeurd door de rechter. Na goedkeuring (“homologatie”) van het akkoord door de rechter is dit bindend voor alle schuldeisers en aandeelhouders, ook als zij niet of tegen hebben gestemd.

Invoering van de WHOA wordt op korte termijn verwacht en voorziet in een dringende behoefte, die door de coronacrisis alleen maar toegenomen is.